Update protocol Coronavirus
Heeft u koorts of beginnende verschijnselen hiervan: kom NIET naar de praktijk maar neem telefonisch contact op!
Heeft u algemene vragen over het Coronavirus neem dan contact op met uw huisarts of kijk op de website van het RIVM.

Kun je me niet even masseren?

Kun je me niet even masseren?

‘Kun je me niet even masseren?’ is een vraag die gek genoeg nog steeds voorkomt in menig fysiotherapiepraktijk. Ondanks dat veel mensen aan masseren wanneer ze denken aan fysiotherapie zijn er tegenwoordig nog maar weinig prakijken waarin massage toegepast wordt als hoofdtherapie. Daarnaast is de misvatting dat een fysiotherapeutische massage ‘lekker’ of ‘ontspannend’ is ook nog steeds aanwezig…

‘Word er dan helemaal niet meer gemasseerd?’:
Er wordt in de meeste fysiotherapiepraktijken nog steeds gemasseerd, dit gebeurd echter niet meer als hoofdtherapie. Massage is een erg effectieve therapievorm wanneer deze gebruikt wordt ter ontspanning van de spieren, het heeft daarentegen geen verdere functie binnen de revalidatie. Massage kan spierspanning verlichten en daarmee dus zorgen voor pijnvermindering maar niet de oorzaak van de klachten wegnemen.

Massage is een therapievorm die net als manuele therapie (kraken) alleen een kortdurend effect heeft. Dit is de reden waarom deze therapievormen vaak alleen als ondersteunende therapie worden gebruikt. Onze Rugschool is hier een heel mooi voorbeeld van, wanneer iemand lage rugklachten heeft die veroorzaakt worden door discusproblematiek (degeneratie van de tussenwervelschijf) is oefentherapie de therapievorm die wij toepassen als hoofdtherapie. Dit betekend dat de oefentherapie er voor moet zorgen dat de klachten verdwijnen en het opnieuw terugkeren van de klacht vermeden wordt. Als de patiënt enorme spierspanning rond de wervelkolom heeft waardoor de oefeningen voor de rug niet goed uitgevoerd kunnen worden zal er eerst gemasseerd of gekraakt worden om te zorgen dat de spanning afneemt. Hierna zal er weer door worden gegaan met de oefentherapie.

Massage wordt dus nog steeds toegepast alleen komt nu veel minder voor dan vroeger. De therapie wordt alleen nog maar gebruikt ter ondersteuning en zal dus zo min mogelijk gedaan worden.